NIEUWE CURSUS!

Een training die gericht is op effect en efficiëntie. Voor mensen met èn zonder computer ervaring. Met praktische tips en verrassend slimme tricks. Informatief en doelgericht. Anders dan anders!

Wil je meer weten?

NeenJa

NIEUWE CURSUS!

Een training die gericht is op effect en efficiëntie. Meer weten?

OK

PC Cursus – Hoofdonderwerp: het internet

Over het algemeen heeft men het over internet, als het World Wide Web wordt bedoeld, een netwerk van websites. Toch is het ‘World Wide Web‘ slechts een onderdeel van internet. Internet biedt vele manieren van communiceren met gebruikmaking van vele verschillende soorten computers, programmeertalen en toepassingen, die elk gespecialiseerd zijn in taken en mogelijkheden die gezamenlijk Het Internet vormen.

Wat houdt het internet precies in?

Een internet is een netwerk van (computer)netwerken (Engels: interconnected networks). Een computernetwerk verbindt computers met andere computers en randapparatuur (zoals scanners en printers) binnen een gebouw of organisatie.

Het Internet is echter wereldomvattend en biedt toegang tot systemen en apparaten wereldwijd die met elkaar zijn verbonden, zonder fysieke of geografische beperkingen.

Het Internet is dus de benaming voor het zeer grote openbare netwerk van computernetwerken dat de hele wereld omspant. Internet biedt onder meer toegang tot:

  • het World Wide Web (het netwerk van websites),
  • Usenet (openbare nieuwsgroepen),
  • e-mail,
  • telefonie (IP-telefonie),
  • ftp (het delen van bestanden),
  • allerlei apparaten (the ‘Internet of Things’, IoT).

Ook het zogenaamde ‘Darknet‘ is onderdeel van internet.

Ontstaansgeschiedenis

Internet heeft zijn oorsprong in een ouder computernetwerk dat ontstond in Amerika aan het einde van de jaren zestig van de vorige eeuw. Dit netwerk heette ARPANET en werd ontwikkeld voor militaire doeleinden. ARPA stond voor ‘Advanced Research Projects Agency‘, een agentschap binnen het Amerikaanse ministerie van defensie dat werd opgericht als reactie op de lancering van de Spoetnik raket door Rusland. De taak van dit agentschap was er voor te zorgen dat de Amerikaanse defensie niet verrast zou worden door een technologisch geavanceerde vijand. Het richtte zich daarvoor dan ook met name op onderzoek naar en het ontwikkelen van technologie.

In die periode was nog maar een klein aantal grote en krachtige onderzoekscomputers (mainframes) beschikbaar in Amerika. Deze werden door de wetenschappers van ARPA gebruikt voor hun onderzoek. De afstanden in Amerika zijn echter groot; veel wetenschappers waren dan ook gefrustreerd over het feit dat zij deze computers daardoor niet of te weinig konden gebruiken. Uit die frustratie ontstond ARPANET, eerst regionaal en later landelijk.
Via ARPANET konden onderzoekers ook op grote afstand inloggen op de computers van ARPA en kregen zij toegang tot informatie en rekenkracht. Na verloop van tijd werden ook internationale onderzoekscentra aangesloten op ARPANET. Hiermee werd de fundering gelegd voor het latere Internet.

ARPA werd opgeheven in 1990. Daarna werd ARPANET door verschillende Amerikaanse universiteiten aangepast en beschikbaar gemaakt voor algemeen gebruik. In die begintijd gebruikten vooral wetenschappers en studenten het netwerk. Veelgebruikte toepassingen waren onder meer Usenet (nieuwsgroepen), IRC (chat), FTP (bestandsoverdracht) en e-mail. Zo ontstond de structuur van het Internet zoals wij dat nu kennen.

Met de ontwikkeling van het HTTP protocol, HTML, de eerste webbrowser en webserver en de eerste website door Tim Berners-Lee in 1991 ontstond het World Wide Web. Hiermee werd het internet makkelijker toegankelijk voor het publiek en kon het in principe door iedereen gebruikt worden om informatie te publiceren.

Opmerking

‘Vroeger’ werd een duidelijk onderscheid gemaakt tussen ‘internet’ en ‘Het Internet’. Dat onderscheid is aan het vervagen.

Wel gebruiken we de naam ‘intranet’ voor een computernetwerk binnen een gebouw of organisatie.

Gefilterde resultaten:

Zoekterm niet gevonden op deze pagina

Stel je filter bij of gebruik onderstaand formulier om in de hele cursus te zoeken.




Begrippenlijst

Boolean Search

Boolean Search is een manier van zoeken om beter de juiste informatie te vinden op internet. Deze manier van zoeken werkt met zogenaamde logische zoekoperatoren, zoals AND, OR en NOT. Boolean Search wordt steeds vaker gebruikt. Het wordt ondersteund door alle zoekmachines op internet.

Zie Zoeken met Boolean Search voor een complete uitleg met voorbeelden en oefeningen.

Zie ook zoekmachine.#Boolean Search zoekmachine

browser

Een browser – of webbrowser – is het softwareprogramma waarmee je websites bekijkt.

Er zijn verschillende populaire browsers, zoals Google Chrome, Internet Explorer, Microsoft Edge, Firefox, Safari, Opera en nog wat onbekendere.

De eerste webbrowser werd geschreven in 1990 door de uitvinder van het world wide web, Tim Berners-Lee en heette simpelweg ‘WorldWideWeb’. Deze browser werd door Berners-Lee alleen ter beschikking gesteld aan medewerkers van CERN, waar hij werkzaam was.

De eerste browser die beschikbaar was voor het publiek heette NCSA Mosaic en was ontwikkeld door het Amerikaanse National Center for Supercomputing Applications (NCSA). De eerste echt populaire webbrowser was Netscape Navigator, ontwikkeld door het bedrijf van de oorspronkelijke leider van het team bij de NCSA dat de Mosaic browser had ontwikkeld, Marc Andreessen.
NetscapeNetscapeDe volledige naam van de browser Netscape was Netscape Navigator. Hieronder zie je het oorspronkelijke logo van Netscape:
Netscape logo
bron Wikipedia: Netscape Navigator
werd de basis van Mozilla Firefox, waarvan de eerste versie verscheen in 2004. Firefox is gratis, vrije en opensourcesoftware (zie De Computer).

Zie ook World Wide Web.#browser

de cloud

Met ‘cloud’ duiden we alle informatie en programma’s aan die via internet bereikt kunnen worden. De term ‘cloud’ (Engels voor ‘wolk’) wordt gebruikt omdat de plek waar bestanden en gegevens zijn opgeslagen ‘op internet’ niet tastbaar is en omdat het voor de techniek niet relevant is waar een website of computer gegevens vandaan haalt. Alles wordt op een voor de gebruiker onbekende server opgeslagen. Deze kan in theorie op elke plek in de wereld staan. Iedereen heeft vrije toegang tot de cloud. Je eigen bestanden en gegevens worden beveiligd door een inlogcode.
Afhankelijk van de provider die je de ruimte in de cloud aanbiedt en het abonnement dat je afneemt, heb je een kleine of grotere ruimte beschikbaar – op een of meerdere servers – waarin je bestanden worden opgeslagen.

Bekende cloud providers zijn onder meer Box, MEGASync, Google Drive en Dropbox.

Cloud computing
Ook programma’s kunnen werken in de cloud. Voorbeelden zijn Microsoft Office 365 en Google Docs (Google Drive). Deze programma’s worden niet geïnstalleerd op je computer of tablet; ze worden aangeboden via je webbrowser. Alle bewerkingen en berekeningen vinden plaats in de cloud, waar ook de bestanden worden opgeslagen.
Dit wordt aangeduid met de term ‘cloud computingCloud computingWikipedia beschrijft ‘cloud computing’ als het via een netwerk […] op aanvraag beschikbaar stellen van hardware, software en gegevens, ongeveer zoals elektriciteit uit het lichtnet.
 
bron:
Wikipedia: Cloud computing
‘.

Bij cloud computing wordt dus niet meer gebruik gemaakt van een centraal installatie- of distributiepunt zoals een pc of een server.

Hieronder zie je een diagram met een globaal overzicht van cloud computing:
Diagram dat een globaal overzicht geeft van cloud computing.
© CC BY-SA 3.0

Zie ook internet.#cloud internet wolk

darknet

Het darknet is een onderdeel van internet dat met de standaard zoekmachines niet te vinden is. Hoewel het gebruik maakt van dezelfde infrastructuur als het World Wide Web heb je speciale software nodig om er bij te kunnen.

Het darknet wordt voornamelijk gebruikt door mensen die bezorgd zijn over de schending van hun privacy op het gewone internet. Dit kunnen bezorgde burgers zijn, maar ook criminelen. Vooral ook bij hen is het darknet populair vanwege de relatieve anonimiteit die het biedt.

Zie ook World Wide Web en zoekmachine.#darknet internet

domein of domeinnaam

Een domeinnaam staat gelijk aan het adres van een website (webadres). Een domeinnaam is dus ook altijd uniek. Zo is computaal.nl een domeinnaam, maar ook het adres van een website.

Zie ook webadres, URL, subdomein en toplevel domein.#domein #domeinnaam url webadres

e-mailadres

E-mail staat voor ‘electronic mail’. Een e-mailadres bestaat uit 3 onderdelen: een naam, het @-teken en een domeinnaam. Een voorbeeld is: gmakor@computaal.nl. Elk e-mailadres is uniek.

Zie ook domeinnaam.#e-mailadres #emailadres

HTML

HTML is de afkorting van ‘HyperText Markup Language’, de taal die wordt gebruikt om websites vorm te geven. HTML is gebaseerd op SGML (Standard Generalized Markup LanguageStandard Generalized Markup LanguageWikipedia beschrijft ‘SGML’ als een platformonafhankelijke ISO-standaard voor de syntaxis van opmaaktalen.
 
bron: Wikipedia: SGML
).

Een voorbeeld van HTML-code is:

<h2>HTML</h2>
<p>

HTML is de afkorting van 'HyperText Markup Language': de taal die wordt gebruikt om <span class="bluecode">websites</span> vorm te geven.

</p>

Zoals dit voorbeeld laat zien, structureert HTML een tekst (inclusief afbeeldingen, video’s etc.) zodanig dat deze wordt getoond op een manier die door een auteur of ontwerper is bedoeld.

HTML wordt door een (web)browser vertaald in leesbare informatie door de codes voor lettergroottes, kleuren, afbeeldingen, et cetera te interpreteren.

HTML is ontwikkeld door Tim Berners-Lee, de uitvinder van het Word Wide Web. Met de ontwikkeling van de HTML-taal heeft hij er voor gezorgd dat de communicatiemogelijkheden van de al bestaande SGML en XML standaarden binnen bereik kwamen van het publiek, waardoor het WWW kon uitgroeien tot een massacommunicatiemedium.

Zie ook website, world wide web.#HTML website

ip-adres

Een ip-adres is de postcode van een website.

De letters ‘ip’ staan voor Internet Protocol. Dat is de ‘taal’, waarmee apparaten via internet met elkaar communiceren.

Een ip-adres bestaat – net als een postcode – uit een reeks cijfers en/of letters. Computers kunnen alleen werken met nulletjes en eentjes. De enige manier voor computers om met elkaar te communiceren is door een unieke identificatienummer te gebruiken. Het ip-adres is zo’n uniek identificatienummer.

Een voorbeeld van een ip-adres is: 52.178.167.109

Omdat mensen het over het algemeen moeilijk vinden om cijferreeksen te onthouden, worden ip-adressen gekoppeld aan namen die voor mensen wel te onthouden zijn. Deze namen worden ook wel URL, webadres of gewoon adres genoemd. Daarom hoef je dus nooit een ip-adres uit je hoofd te leren.

Tip

Elk apparaat dat is aangesloten op internet heeft een eigen – uniek – ip-adres. Bij je eigen pc, tablet of smartphone hoort dus ook een ip-adres. Om er achter te komen wat het ip-adres is van het apparaat dat je op dit moment gebruikt, kun je een website als WhatIsMyIP.com raadplegen.

Als je het ip-adres van een website wilt weten, kun je dat doen via deze pagina: www.whatismyip.com/dns-lookup/.

Zie ook URL en website.#ip-adres protocol url

link

Een link is een koppeling naar een andere pagina op dezelfde website, een ander deel op dezelfde pagina of een andere website op internet. Wanneer je een link aanklikt met de linker muistoets opent de browser (het deel van) de pagina waar die koppeling naar verwijst.

Zie ook link website browser.#link weblink koppeling browser website

router

Een router is een apparaat dat de route vaststelt tussen de ip-adressen van websites en apparaten die op internet zijn aangesloten. Dat gebeurt door te communiceren met computers die de adressen van andere domeinen bevatten. Dit zijn DNS-servers. De afkorting DNS staat voor ‘domain name server‘.

Een router controleert of verstuurde gegevens compleet en correct worden verstuurd en of ze bij de juiste ontvanger aankomen en ook of ontvangen gegevens correct worden opgeslagen en weergegeven. Iedereen die een internet aansluiting heeft, heeft thuis of op kantoor ook een router staan. Dit is meestal een klein kastje. De routers die internet providers hebben staan zijn zo groot, dat deze in aparte gekoelde ruimtes staan.

Zie ook ip-adres.ip-adres #router

subdomein

Elke website kan een subdomein hebben. Een subdomein verwijst naar een website binnen een website.

Een voorbeeld van een subdomein is pc-cursus.computaal.nl. Daarin is pc‐cursus het subdomein van computaal.nl.

Zie ook domein, toplevel domein en webadres.#subdomein domein webadres domein

toplevel domein

Met een toplevel domein wordt het ‘niveau’ van websites aangegeven. Een toplevel domein kan duiden op een land, een organisatie of een onderwerp. Het toplevel domein is het laatste deel van je webadres. Zo is .nl het toplevel domein van computaal.nl.

Voorbeelden van toplevel domeinen zijn: .nl, .com, .org, .info en .eu

Zie ook domein, subdomein en webadres.#toplevel domein

URL

Uniform Resource Locator. De URL is een naam die opgebouwd is volgens een bepaalde structuur en die verwijst naar een bron (‘resource’). Die naam kan verwijzen naar een website, een pagina op een website of een andere bron zoals een afbeelding of een video. In de spreektaal is de URL gelijk aan een webadres. Een URL wordt niet alleen gebruikt bij het verwijzen naar een webadres, maar ook bij – onder meer – e-mail en chat.

Zie ook webadres.#URL webadres webadres

webadres

Net als een huis, heeft ook elke website zijn eigen adres. Dit noemen we het webadres. Als iemand vraagt wat het webadres is van een bedrijf, dan wordt daar het adres mee bedoeld dat je intypt in een browser en niet het ip-adres.

Een voorbeeld van een webadres is: microsoft.com

Zie ook URL.#webadres url

website

Een website is een verzameling gestructureerde gegevens die je in een browser kunt bekijken.

Deze gegevens worden gepresenteerd in de vorm van (digitale) pagina’s met informatie in de vorm van tekst, afbeeldingen, geluid of video. De pagina’s van een website zijn gekoppeld aan andere pagina’s op dezelfde website en op externe websites d.m.v. ‘links‘ en opgeslagen in het HTML formaat. Een website is pas een ‘web’site als deze aangesloten is op internet.

Elke website heeft een uniek webadres.

Zie ook webadres en world wide web.#website link html

world wide web of www

De naam voor het computernetwerk van alle aan elkaar gekoppelde websites. Het world wide web is onderdeel van internet.

Zie ook darknet en website.#world wide web #www

zoekmachine

Een zoekmachine is een computerprogramma dat informatie zoekt in een verzameling gegevens, zoals een bibliotheekarchief – bv. de Amerikaanse ‘Library of Congress’ – of een index van alle websites + inhoud op internet.

De term ‘zoekmachine’ is tegenwoordig synoniem aan – meestal gratis aangeboden – diensten op websites die je kunt gebruiken om via zoekwoorden informatie te zoeken op internet. Het indexeren van die informatie gebeurt volledig geautomatiseerd: op tijden dat het op internet niet druk is wordt door zoekmachines met behulp van geautomatiseerde programma’s informatie verzameld en geïndexeerd. Hierdoor kan een zoekmachine als Google je binnen enkele seconden relevante informatie presenteren uit honderden miljoenen websites.

Zelfs de slimste en meest uitgebreide zoekmachine heeft soms hulp nodig om de juiste informatie te vinden in die enorme hoeveelheid aan informatie. Wanneer je die informatie niet kunt vinden of wanneer je juist te veel informatie vindt om er wijs uit te kunnen, kun je ‘Boolean Search’ gebruiken.

Zie ook Boolean Search, internet en website.#zoekmachine boolean search

Raadpleeg WhatIsMyIP.com om je ip-adres op te zoeken

Meer informatie over zoeken op internet vind je op de pagina Zoeken met Boolean Search